Toen ik hoorde over het aso-gedrag van Tom Egbers bij Studio Sport, moest ik direct aan iemand denken die van zulk nieuws altijd hoteldebotel is. Zo iemand die gelooft dat t.v.-persoonlijkheden en musici achter de schermen net zo’n aimabele, leuke, enthousiaste mensen zijn als op het podium. Hoe vaak die persoon inmiddels teleurgesteld werd, is niet meer bij te houden.

Gelukkig ben ik niet zo naïef. Wie weet wat er binnenkort nog meer uit de beerpunt van de entertainmentwereld komt gerollen over mijn favoriete musici. Want de meesten zijn [of waren] geen typetjes met een reputatie van Onbevlekte Ontvangenis. Ritchie Blackmore staat bekend als een pedante klootzak die zijn bandleden voor lul zette, audities voor wijlen Frank Zappa waren mentaal gelijkgesteld aan een kruisiging. de heren van Kiss deelden het bed met 20.000 vrouwen waarmee ze alles deden behalve slapen, en Jean-Michel Jarre had een zwak voor nanny’s.

Frank Zappa: de Pontius Pilatus van audities

Onlangs kwam Roger Waters in opspraak met de bewering dat de Russische invasie in de Oekraïne was uitgelokt. Los van zijn fantastische muziek en nog fantastischer werk met Pink Floyd is het enige wat mij met Waters bindt het feit dat we op dezelfde dag jarig zijn: 06 september. Toch kwam na zijn onhandige uitspraak menigeen naar mij toe met de vraag: “Enne?! Wat vindt je van Waters?” Door mijn bondige respons: “Ach, het was nooit mijn type.” dropen ze snel weer af.

Ik ga beslist niet zijn meesterwerk ‘Amused To Death’ in de prullenbak mieteren en zeker niet de Pink Floyd-catalogus. Dat laatste zou sowieso niet eerlijk zijn tegenover David Gilmour, Richard Wright en Nick Mason. Waters deed wel vaker controversiële dingen zoals openlijk steun betuigen aan Palestina [hoewel je je kunt afvragen hoe controversieel dat nu eigenlijk is], maar de mens achter de artiest staat los van zijn prachtige muziek.

Een tijdje geleden wees een muziekmakker mij op een stelling van Bruce Springsteen: “Trust the art, not the artist”. Wie mij zoal kent, weet dat ik bij het horen van de naam Bruce Springsteen de nooduitgang opzoek, maar zijn stevig gefundeerd standpunt snijdt beslist hout. Ik adviseer dan ook iedereen die dweept met een bekende t.v.-kop, een muzikant, een filmster, een sporter…kortom: iedereen die zijn brood verdient als artiest, om deze stelling te harte te nemen en zich tegelijkertijd af te vragen hoezeer bewondering je bevreemdt van alles wat menselijk is.

Michel Scheijen

(Visited 167 times, 2 visits today)

Dit bericht heeft 9 reacties

    1. Michel

      Is ook een prima denker en schrijver.

      Alle goeds,

      Michel

  1. JamGem

    Goede middag Michel,
    Helemaal mee eens met wat jij schrijft in “trust the art”.
    Bij het beluisteren en maken van muziek is mijn voordeel tevens mijn valkuil.
    Dat wil zeggen dat ik in eerste instantie niet of zelden kijk naar clipjes en al helemaal niet naar verhalen zoek achter de artiest, maar wordt getriggerd door de stem(men) en de muziek. Zelfs de lyrics krijgen bij mij pas vaak veel later de aandacht (tenminste bij Engelse, Franse of andere songteksten).
    Wat mij dus daarentegen wel enorm interesseert is de aanleiding om een bepaald nummer te schrijven of hoe de reden waarvoor een bepaalde titel werd gekozen, of dat het nummer feitelijk geschreven werd voor een heel andere artiest die past en het vervolgens een nummer één hit werd door de andere, minder bekende artiest of band.
    En voor de rest laten de bands op het podium meestal juist dat zien wat het publiek graag wil.
    Als ik dan achteraf lees of hoor wat bepaalde gasten achter de schermen, thuis of bij audities uitvreten, gaat mij mij links drin en rechts druit 😉.
    Daarbij hoor je mij niet beweren dat ik bepaald gedrag goedkeur maar het nummer, album, schilderij of kunstwerk dat iemand creëert, kan men proberen los te koppelen aan het karakter van de makers.

    Met muzikale groet,
    Gerd

    1. Michel

      Hallo Gerd,

      Bedankt voor je reactie.

      Asociaal gedraag, mensen vernederen/misbruiken en al het andere wat niet door de beugel kan, moet nooit goedkeuring krijgen. Met de column richt ik mij op de naïevelingen onder ons die de mens achter de artiest/kunst vergeten. Tom Egbers vind ik nog steeds één van de beste sportverslaggevers op televisie, maar dat betekent niet dat ik verbaasd ben over hetgeen hij heeft uitgespookt. De man die ik op televisie zie, kan achter de schermen een totaal ander persoon zijn. Zo is het ook in in de muziek.

      Alle goeds,

      Michel Scheijen

  2. Michel

    Hey die Maurice,

    Bedankt voor je reactie en we bespraken dit onderwerp al een paar keer. De 22e gaan we verder. Ha! Ha! Ik verheug me.

    Alle goeds,

    Michel

  3. Erik Neuteboom

    Interessant, maar ook triest onderwerp! Want er zijn nogal wat muzikanten die als mens behoorlijk door de mand zijn gevallen, op diverse gebieden, en zeker Gary Glitter: van laatsgenoemde kocht ik veel singles en vond hem stoer, als 14 jarige, nu kan ik die kop niet meer zien en de muziek niet meer horen, wat een brute kindermishandelaar blijkt het te zijn! Maar zou ik nooit meer 70-75 Genesis willen horen of zien als blijkt dat Peter Gabriel zo’n monster als Gary Glitter is? Ik had daar ooit met enkele muziekliefhebbers een discussie over, de ene groep dat je zoiets moet kunnen scheiden, de andere groep zei dat zulke mensen dan volledig hebben afgedaan en men niets meer met die muziek te maken wilde hebben ….. moeiijk, erg persoonlijk denk ik.

    1. Michel

      Hallo Erik,

      Bedankt voor je reactie. Het is inderdaad een lastige en vooral persoonlijke kwestie. Toch moeten we nooit vergeten dat de kunst niet altijd overeenstemt met de mens achter de artiest.

      Alle goeds,

      Michel

    1. Michel

      Ik ken dat verhaal, inderdaad.

Geef een reactie