Klassieke muziek herinnerde me tot voor kort altijd aan A. Een jongen die ik op de tweede klas van de basisschool leerde kennen.

A. kwam uit een familie die een orthodoxe variant van het christendom beleed. De ascetische principes waren beslist van invloed op zijn slordig voorkomen. Hij droeg de afgedankte kleren en schoenen van zijn broers, die hem bovendien veel te groot waren, en hij rook onaangenaam. Zeep en deodorant waren schijnbaar zonderituelen. Het is dan ook niet vreemd dat A. op school dagelijks werd gepest, geschopt en geslagen en dat ik, die van de ontferming over kwetsbaren zijn beroep zou maken, zijn enige vriend was.

Toen hij eens op een zaterdag bij me kwam spelen, werd hij onderweg door de kinderen uit de nabij gelegen yuppenwijk in elkaar geramd. Zijn blouse telde geen knoop meer, de schoenveters waren zoek en zijn gezicht zat onder de schrammen. ‘s Avonds escorteerden de stoere vriend van mijn zus [een Rainbow-fan] en ik hem naar huis.

Op de jaarlijkse schoolsportdag wreekte ik mijn vriend door één van de daders de bal keihard ‘straight between the eyes’ te smijten. De rotzak raakte enkele seconden knock-out. Omdat ik het liet voorkomen als een ongelukje, kreeg ik geen straf.

Rainbow - Straight Between The Eyes | Releases | Discogs
Al het goede komt van Ritchie Blackmore.

A. luisterde niet naar popmuziek, maar naar klassiek wat ik toen buitengewoon raar vond. Klassiek was iets voor bejaarden of kinderen op een Britse kostschool. Klassiek betekende saai, kuis, sukkelig. Dat was overigens slechts één van de redenen waarom ik nooit bij hem ging spelen. De andere reden was dat ik zijn ouders vreesde, omdat die hun kroost als zwervers lieten rondlopen en hen verboden om op latere leeftijd naar de disco te gaan. “Want dan verschijnt de Lieve Heer met de vraag waarom je niet in de kerk bent!”, zei A. Ik dacht bij mezelf: ‘als hij dan eens goed om zich heen kijkt, komt hij vanzelf achter het antwoord.’

Op een dag nam A. een cassettebandje mee met een weemoedig stukje klassiek. Ik vond het saai, maar tegelijk mooi en aangrijpend. Een kindergeest is nu eenmaal te beperkt om zulk tegenstrijdige gevoelens te begrijpen. Het stukje muziek bleef me altijd bij en nadat zich op latere leeftijd mijn belangstelling voor klassieke muziek had ontwikkeld, ontdekte ik dat het ‘Erbarme Dich’ heette. Een passage uit de ‘Matthäus Passion’ van Bach.

J.S. Bach: Matthäus-Passion, Herbert Von Karajan Berliner ...

Na de basisschool gingen we onze eigen weg. Begin jaren ’90 trof ik ‘m wel eens in de lijnbus op weg naar school. Hij zat op de detailhandelsschool en werkte in de horeca. De laatste keer dat ik ‘m sprak, was in een Belgische mega discotheek! Hij was nog altijd die vriendelijke beleefde jongen, maar blijkbaar minder bang voor de Lieve Heer.

Dockside Hasselt - Versuz | Discotheken, Jaren 90
Geen toegang voor de Lieve Heer.

Afgelopen juni zette NPO Radio 4 Beethoven een week in de schijnwerpers. Ik ben verzot op Beethoven en dacht ik meer aan A. dan ooit tevoren. Ik vroeg me af hoe het met ‘m zou zijn en via allerlei omwegen op sociale media had ik beet. Hij werkt als kelner met wijnkennis in een duur hotel. Zijn account toont foto’s van een deftig geklede jongeman die nog deftiger geklede mensen bedient. Op eentje neemt hij het certificaat wijnkenner trots in ontvangst. De mooiste foto is die waar hij door twee collega’s wordt omarmd.

Ik stuurde een chatbericht wat hij nog altijd niet gelezen heeft. Dat zal beslist zo blijven, want sinds april heeft hij zijn account niet meer bijgewerkt. Ach, het zij zo. A. wordt gewaardeerd, erkend en is zichtbaar gelukkig. Alles wat hem vreemd was toen we kinderen waren. Het gaat goed met hem en ik beleef klassiek voortaan anders. De ‘Mondscheinsonate’ herinnert mij nu aan stripboek uit mijn kindertijd: ‘Kuifje-Mannen Op De Maan’.

Michel Scheijen

(Visited 211 times, 1 visits today)

Geef een antwoord