Als er iets is waardoor mijn venijnmeter door het plafond schiet, is het wel het begrip guilty pleasure. Tegenwoordig kom je het in elk muziekblad tegen. Niet alleen in OOR. Alsof het een erkend cultuurbegrip is. Ter verduidelijking: een guilty pleasure is iets waarnaar je verlangt, maar waarvan je weet dat het slecht is. Iets dat je eigenlijk niet mag doen, maar waar je uitzonderlijke wijs toch aan toegeeft.

Maar wat dat slechte nu eigenlijk is en wie bepaalt wat je wel/niet mag doen, weet niemand.

Het begrip bestaat al langer, maar werd gepopulariseerd door de cultuurkathedraal ‘De Wereld Draait Door’ waar kletspaus Mathijs met zijn apostelen Leo, Nico en een ja-knikkende tafelgast de t.v.-kijker bevoogde in het evangelie van de goede muzieksmaak. Veelal gebaseerd op wat hunzelf erg goed vonden. Het programma is al een tijdlang van de buis, maar met de dood van Hitler 77-jaar geleden kwam er ook geen eind aan het rechts-extremisme. Guitly pleasure blijkt zich diep in het moderne cultuurbewustzijn te hebben gevreten.

Kletspaus Matthijs van Nieuwkerk te midden van zijn cultuurapostelen

Degene die het begrip in de mond neemt, al dan niet met betrekking op zichzelf, worstelt met superioriteitsgevoelens. Hij/zij is zich bewust van de eigen goede smaak en doet alles om het zo te houden. Zeker voor de buitenwereld, want één kleine misstap en je reputatie is, zoals ze dat zeggen, naar de klote. Egocentrisme 2.0.

Ik heb moeite met zulke figuren, maar ergens zijn ze ook best zielig. Wanneer ik bij iemand die verzot is op Frank Zappa, This Mortal Coil, The Mars Volta, Tame Impala en Peter Gabriel een album van Snollebollekes vind, zou me dat zeker verbazen. Maar meer ook niet. Wie ben ik om ‘m ter verantwoording te roepen? Als het toevallig een tamme softie is die met gebogen hoofd en trillend stemgeluid bekent ‘dat hij dit best leuk vindt‘ ontvangt hij een bemoedigende schouderklop dat het o.k. is. Want hij wil zo graag, maar durft niet omwille van spot en de vrees om uit ‘de club’ te worden gekieperd. Het wordt tijd dat ‘ie eens naar een andere ‘club’ gaat zoeken.

Maar de autoritaire ego-snob die de Snollebollekes stiekem tussen zijn sokken bewaart, krijgt een ferme dreun voor z’n kanis. En terwijl ‘ie daar nog van het bijkomen is, trek ik scheldend de vergelijking met een priester die kuisheid en gehoorzaamheid predikt, maar ’s avonds met de Penthouse op schoot met zichzelf speelt. Ja, ook diegene is best zielig, maar met hypocrieten heb ik geen totaal geen mededogen.

Ik zal niet ontkennen dat er ook in de muziek sprake is van hoge en lage kunst. Als het repertoire van Peter Gabriel staat voor Michelangelo’s ‘De Schepping’ staat Snollebollekes voor ‘Het huilende Zigeunerjongetje’ van Bragolin. Maar dat mag nooit bepalend zijn voor wat iemand mooi, leuk, en aantrekkelijk vindt of mag vinden. Het gaat mis als hoge kunst invloed heeft op het ego en dat vervolgens aanzet tot neerkijken, neersabelen, uitsluiten, bepalen en bevoogden. En dit alles komt onder muziekliefhebbers veel te vaak voor. Ik heb daar, in tegenstelling tot vroeger, geen last van. Wie het niet kon hebben dat ABBA, Jewel, Rick Astley, Donna Summer en The Buggles bij mij in dezelfde kast staan als Deep Purple. Porcupine Tree, Al DiMeola, Pink Floyd en Jan Akkerman hoefde nooit meer bij me aan te bellen. Ik zeg maar zo: ‘genieten en laten genieten’ en laat iedereen in zijn waarde. Deze oeroude wijsheid is nog lang niet passé.

Wat zou het toch mooi zijn guilty pleasure uit het taalgebruik zou verdwijnen en het over twintig jaar niet meer bestond. Het is geen zonde als muziekfanaten en muziekcritici daar eens over gingen nadenken.

Michel Scheijen

(Visited 93 times, 1 visits today)

Dit bericht heeft 4 reacties

  1. Bas Dassen

    Ha! Wanneer ik bij iemand die verzot is op Frank Zappa, This Mortal Coil, The Mars Volta, Tame Impala en Peter Gabriel een album van Snollebollekes vind…

    Ik heb de snollebollekes niet, maar wel the spicegirls!

  2. Grappig deze tirade Michel, ik vind het juist wel een leuke term, ken het eigenlijk alleen uit de muziek, zo’n symfomaan als ik die SOS van ABBA zo mooi vind, en als iemand daar moeite mee heeft of me erom uitlacht, “SO WHAT?!” ….

  3. John

    wijze woorden Collega, leven en laten leven daar gaat het om. Stel dat we allemaal dezelfde smaak hadden, wat zou het dan toch saai worden, niet alleen in de muziek toch?

    1. Michel

      Hallo John,

      Zeker. Het gaat mij meer om de hautaine attitude van sommige muziekliefhebbers aangewakkerd door dat vreselijke programma ‘DWDD’. Persoonlijk ik heb een schurfthekel aan elke vorm van Limburgstalige muziek [Rowwen Heze zijn de eerste nagel aan mijn doodskist] en de infantiele Eurodance uit de jaren ’90. Maar als bevriende muziekfreaks of andere mensen dat mooi vinden, is dat prima. Ik zal daar nooit een oordeel over vellen en het al helemaal niet als een zonde beschouwen. Ik erken dat er in de muziekkunst sprake is van substantieel niveauverschil. Bijvoorbeeld Pink Floyd vergelijken met de Spice Girls, maar dat zegt niets over het prettige gevoel dat beiden bij verschillende individu’s kunnen opwekken.

      Alle goeds,

      Michel

Geef een antwoord