‘BOOMASIEL’…ZO HEET HET NIEUWE ALBUM VAN DE LIMBURGSE PIANIST EGBERT DERIX. VANUIT DE HUIDIGE TIJDSGEEST ZOU JE VERMOEDEN DAT HET EEN CONCEPTALBUM IS OVER DE VLUCHTELINGENKWESTIE MET ZIJN MENSONTERENDE GEVOLGEN. DAT IS HET NIET. ‘BOOMASIEL’, VERNOEMD NAAR DE GEDICHTENBUNDEL VAN ZIJN BROER GOVERT, IS EEN MUZIKALE COLLAGE VAN BEWERKTE GEDICHTEN VAN NEDERLANDSE KOMAF. VOOR DIT PROJECT WERKTE EGBERT SAMEN MET ONDER MEER BAER TRAA, HUUB STAPEL EN BENDIK HOFSETH. DE THEMA’S DIE AAN BOD KOMEN ZIJN: FILOSOFISCHE INZICHTEN, LEVENSVRAGEN, LIEFDE, MUZIEK EN NATUUR. EIGENLIJK ALLES WAT ONS TOT MENS MAAKT. VOOR MUSICOPHILIA.NL GAAT EGBERT DIEPER IN OVER HET HOE EN WAAROM ACHTER HET ALBUM EN WAT HIJ VOOR DE NABIJE TOEKOMST NOG ALLEMAAL IN PETTO HEEFT.

Hoe is het met je Egbert?

“Op dit moment verheug ik me op de vakantie. De afgelopen tijd ben ik bezig geweest met drie cd-producties. Naast ‘Boomasiel’ heb ik een album gemaakt met zangeres Marion Steeghs en een live album met Eric Vloeimans dat na de zomer uitkomt.”

Frans Budè schreef het voorwoord van ‘Boomasiel’ en roemt de verbinding tussen poëzie en muziek die al heel lang bestaat. Als Beethoven-liefhebber vind ik het jammer dat hij niet verwijst naar ‘Ode An Die Freude’.

“Er zullen bij dit soort verwijzingen naar werken altijd mensen zijn die één of meerdere van hun eigen favorieten missen. Frans Budé noemt in zijn betoog niet alleen allerlei werken, maar vertelt een persoonlijk verhaal met allerlei andere aspecten. Ik was vereerd dat hij dit voor ‘Boomasiel’ gedaan heeft. Frans heeft van het inleidende voorwoord ook een soort van biografie gemaakt van mijn reis aangaande poëzie en muziek. En, natuurlijk, ‘Ode and die Freude’ is een prachtig werk met een belangrijke boodschap!”

Waarin verschilt de aanpak tussen ‘Boomasiel’ en het album ‘Wandern’ waar je met operazanger Sef Thissen de gedichten van je vader omzette naar muziek?

“Bij ‘Wandern’ heb ik gedichten vertaald naar het Duits en zelf een aantal Duitse gedichten geschreven. Vervolgens heb ik die gedichten op muziek gezet om ze passend te maken in de setting met Sef Thissen. Dus een liedcyclus voor piano en baritonstem. Bij ‘Boomasiel’ heb ik bestaande Nederlandstalige gedichten als vertrekpunt genomen en deze, deels gesproken en deels gezongen, op muziek gezet. Daarbij heb ik allerlei verschillende instrumentaties en stijlen verkend. Dus gebruik gemaakt van verschillende instrumenten en bezettingen. Bij ‘Wandern’ waren het Sef en ik. Bij ‘Boomasiel’ wilde ik met veel verschillende mensen samenwerken.”

Sef Thissen en Egbert Derix

Beschouw het als een compliment als ik zeg dat je op dit album de absolute queeste aangaat tussen het gesproken woord, taaltoon, melodie en klankkleur. Hoe kijk jij daar tegenaan?

“Dank je. Voor mij is de combinatie van poëzie, in al haar verschijningsvormen, en muziek altijd heel aantrekkelijk geweest.”

Waarin zit die aantrekkingskracht?

“Woorden kunnen de muziek meer zeggingskracht geven en andersom. Ik hou van verhalen, van puntige quotes en het delen en verkrijgen van nieuwe inzichten. Om die vervolgens te koppelen aan klank, vind ik een fijn proces. Het maakt mijn muziek autobiografisch.”

In hoeverre is voor jou dan de stemklank belangrijk? Of anders gezegd: wat maakt voor jou een mooie stem voor een lied of gedicht?

“ Dat weet ik eigenlijk niet. Volgens mij is dat vooral energetisch. Dus, wat roept de stem op? Welke emoties? Hoe is de dictie? Als die stem mijn aandacht vasthoudt, aangenaam klinkt of  technisch of muzikaal knap wordt gebruikt.”

De gedichten verschillen onderling enorm. Het ene is dromerig, het andere beschouwend. Voor wie van variabele poëzie houdt, valt er genoeg te genieten. Diversiteit is de kracht van het album. Hoe kwam de samenstelling tot stand?

“Frans Budé benaderde me jaren geleden om een gedicht van hem op muziek te zetten. Dat vond ik heel inspirerend en voor ‘Boomasiel’ ben ik aan de slag gegaan om dat ook te doen met gedichten van mijn broer Govert. Een aantal gedichten komen uit zijn gedichtenbundel ‘Boomasiel’ waar ik de titel voor het album aan ontleend heb. Verder dus gedichten van Frans Budé en van Herman Verweij, met wie ik vaak heb opgetreden in een ‘spoken word & muziek’-setting. Ik heb het heel dichtbij huis gehouden, vandaar ook een gedicht en liedtekst van mijn vrouw en een gedicht in Horster dialect van Geert van den Munckhof, een goede vriend van me. Bijzonder ook om Tsead Bruinja, ooit Dichter des Vaderlands, een Friese vertaling te laten maken en spreken van een Marillion-song en het gedicht van Louis Lehmann [‘Blues’] is mijn bedankje aan het Louis Lehmann Fonds die dit project steunden. Verder heb ik mijn gedicht ‘Wij’ toegevoegd. Voor mij allemaal gedichten die me ergens raken en aan zeggingskracht winnen gedragen door de tijd.”

Denkers en dichters: Frans Budé, Govert Derix, Herman Verweij en Tsaed Bruinja

Voor ‘Wandern’ werden de gedichten naar het Duits vertaald en ‘Pseudo Silk Kimono’ [de Marillion-song] naar het Fries. Waarom kies je voor een taalomzetting?

“Ik hou van taal en vind het bijzonder dat er op deze planeet zoveel verschillende talen gesproken worden. Zelfs als bepaalde mensen dezelfde lands- of streektaal spreken, spreken ze binnen die taal ook vaak hun ‘eigen taal’. Niet ieder woord heeft voor iedereen dezelfde lading of betekenis. Fascinerend! Tsead Bruinja is Fries en net als ik fan van Marillion en Fish. Ik vond het bijzonder om hem in zijn eigen taal die epische tekst te laten spreken. Dus voor hem heel dicht bij huis en thuis.”

We delen blijkbaar de liefde voor taal. Dat is mooi! Vind jij het ook zo jammer dat ons mooie Nederlands lijdt aan Engelse vetzucht? Dat Nederlandse begrippen steeds meer worden verdrongen door Engelse modetermen? Het heeft niets met ‘Boomasiel’ te maken, maar vanuit mijn liefde voor Nederlands stel ik toch de vraag.

“Ik begrijp wat je bedoelt, maar dat lijkt me vanzelfsprekend. Een taal is een organisme en blijft in beweging en ontwikkeling. Maar dat hoeven niet altijd mooie ontwikkelingen te zijn. Persoonlijk vind ik het feit dat er steeds meer Engelse woorden als vanzelfsprekend in onze taal sluipen een verschraling van het Nederlands. Natuurlijk doe ik er zelf ook aan mee, zeker in het onderwijs, maar ik probeer er wel op te letten.”

Je kent de mannen van Marillion en als ik me goed herinner Fish ook. Heb je hun de Friese versie van ‘Pseudo Silk Kimono’ laten horen?

“Nee, nog niet. Zal er vast een keer van komen.”

‘Pseudo Silk Kimono’…openingstrack van ‘Misplaced Childhood’

Je zult zelf ook van poëzie houden. Wat betekent het voor je en wat zijn je favoriete dichters?

“Ik hou uiteraard van de gedichten die ik in ‘Boomasiel’ heb opgenomen. Op de middelbare school las ik de verzamelde gedichten van Gerrit Achterberg. Wat ik van Walt Whitman ken vind ik rustgevend. In de popmuziek zijn ook prachtige teksten te horen. Denk aan Randy Newman, Billy Joel, James Taylo, Roger Hodgson, Fish. Veel teksten uit het Great American Songbook hebben voor mij ook die kwaliteit.”

Daar zeg je wat! Cole Porter, George Gherswin, Irvin Berlin, Jerome Kern. Ze schreven prachtige, tijdloze liedjes.

 “Zeker! Ik speel veel jazz. En de basis daarvan ligt vaak bij die tijdloze songs. Er is zoveel moois. Frank Sinatra die zulke teksten echt wist te vertellen. Keith Jarrett, Bill Evans, Oscar Peterson, Michael Brecker en zoveel andere grote musici die geweldige instrumentale versies speelden.”

De voordrachten van Huub Stapel klinken erg retro. Alsof hij het op het klassieke cassettebandje opnam. Dat heeft wel wat, maar was dit de bedoeling?

“Klopt. Huub heeft de teksten thuis ingesproken op zijn memorecorder. Ik heb een paar keer gedacht of ik hem ze moest laten inspreken in de studio. Maar zijn voordracht van de gedichten wonnen bij mij aan kracht, ook door de sound die je beschrijft, na elke beluistering. Dus heb ik het zo gelaten. Wel nog wat ‘getweaked’ met technicus Arno op den Camp om de muziek en tekst organisch te maken qua klankbeeld en flow. En ik ben opgegroeid met cassettebandjes dus er is voor mij niets mis met die associatie. Je zou een heel betoog kunnen houden over wat een goede opnamekwaliteit is, maar in sommige gevallen wordt dat, zoals Alan Watts zei, een ‘the menu is not the meal’ -verhaal.”

Huub Stapel

Naast Huub Stapel werken een aantal bekende muzikanten aan het album mee: Baer Traa, Ton Engels, en de Noorse saxofonist Bendik Hofseth. Hoe kwam het tot deze samenwerking en waren hun ook van invloed op de productie in de zin van muzikale aanpassingen of suggesties?

“Het zijn allemaal mensen waar ik veel respect voor heb en echt een eigen stem hebben. Die eigen stem wilde ik op ‘Boomasiel’ horen. We hebben daar niet veel over hoeven praten, want de muziek en teksten dicteerden hoe zij hun stem konden laten horen. Huub kende ik al langer. Net als Baer en Ton komt hij uit Limburg. Bendik, die Michael Brecker ooit opvolgde bij de band Steps Ahead, is sinds 1988 een muzikale held van me. Bendik is een fantastische saxofonist, componist, zanger en arrangeur. Zijn saxofoongeluid en spel passen voor mij perfect op dit album.”

Saxofonist Bendik Hofseth en Egbert op het podium met Baer Traa

Kunnen we een kleine promotietour rondom het album verwachten?

“Ik ga een aantal concerten doen met Baer Traa, waarin we een selectie spelen uit ‘Boomasiel’. Er staan een paar intieme optredens gepland. Allemaal dicht bij huis. Maar het is welkom dat er nog meer bijkomen en dat het album bredere aandacht gaat krijgen.”

Waar en wanneer zijn die concerten?

“Op 12 november in Horst [Anja van de Smid], 10 december in Castenray [De Muzikale Huiskamer] en 11 maart in Venlo [Theater de Garage].”

Ik wil even terugkomen op het album ‘Nachtvogel’ van Marion Steeghs dat deze maand verscheen. Hoe kwam die samenwerking tot stand?

“Zangeres Marion Steeghs komt uit het dorp America, bij mij in de buurt, en vroeg me haar te helpen met haar debuut album. Ze is een getalenteerde zangeres en schrijft prachtige teksten en melodieën. Vorige zomer hebben we intensief samen aan de liedjes gewerkt en die vervolgens opgenomen in de studio van Niels Koster samen met bassist Norbert Leurs en drummer Ivo Rouschop. In een later stadium heb ik strijkersarrangementen voor een aantal songs gemaakt en saxofonist Leo Janssen gevraagd een paar saxofoonsolo’s te spelen. Nachtvogel’ is een bijzonder mooi album geworden waarbij tekst en muziek in balans zijn. Het was fijn om niet alleen als toetsenist maar ook als co-writer, arrangeur en producer bij dit album betrokken te zijn. Er wordt op dit album in het Limburgs dialect [Americaans] gezongen.”

Wat kunnen we verwachten van het aangekondigde live-album met trompettist Eric Vloeimans?

“Dat wordt een dubbelalbum waar ik ook heel blij van word. Met Eric spelen is altijd een feest. Het album, met eigen composities en improvisaties, komt in september uit en heet ‘Gardens Of Abundance’. Het is een live plaat samengesteld uit twee concerten die we speelden in theater Lux in Nijmegen. De muziek gaat alle kanten op: van heel klein, intiem en zacht naar groots, hard en patserig. Van Satie-sferen  naar a-tonaal modern klassiek tot poppy, blues en jazz. Het zijn boeiende muzikale gesprekken. Illustratrice Daan Kmiecik is nu bezig met het artwork van ‘Gardens of Abundance’ en dat wordt erg mooi. Daan verzorgde ook het artwork voor ‘Boomasiel’ en het album ‘Nachtvogel’ van Marion. Drie totaal andere sferen, maar allemaal heel passend.”

Egbert met Eric Vloeimans ouderwets in actie

Je hebt een mooie, indrukwekkende carrière opgebouwd en bent heel divers. Heb je als muzikant nog bepaalde wensen?

“Ik zou graag de muziek schrijven voor een grote film of serie. Of dat een song of compositie van mij in zo’n film of serie terechtkomt. Daar blijf ik aan werken. En natuurlijk zou het heel tof zijn als steeds meer musici hun eigen versies van mijn muziek gaan spelen. Ik zou ook meer soloconcerten willen spelen, ook in een meditatieve setting.”

Tot slot: welke levensles geef je als muziekdocent aan je leerlingen mee?

“Blijf je van tijd tot tijd realiseren dat met muziek bezig zijn een voorrecht is. Muziek is geen wedstrijd, maar dient de wereld een stukje zachter en intenser te maken. Een helende en verbindende werking. Dit is natuurlijk niet iets wat ik als een soort mantra richting studenten herhaal, maar ik hoop dat ze daar een beetje van meekrijgen door de manier waarop ik lesgeef en speel.”

Michel Scheijen

www.egbertderix.com

(Visited 71 times, 1 visits today)

Geef een antwoord