Soms wordt je verplicht iets te delen dat je weigert uit handen te geven, omdat het gewoonweg niet bij die ander thuishoort. Voor mij voelt dat als een amputatie.

De eerste keer was in 1991 toen Metallica met het commerciële ‘Black Album’ ontsnapten uit het getto van de speedmetal en 12-jarigen ‘Eééééxit light, ééééénter night’ zongen op de fiets. De tweede keer was toen U2 in datzelfde jaar ‘Achtung Baby’ uitbracht. Een album waarvoor mijn favoriete stad model stond: Berlijn.

Metallica- Black album (Full album) - YouTube
De eerste amputatie…zonder verdoving!

Met ‘Achtung Baby’ is muzikaal weinig mis. Met U2 eigenlijk ook niet, al hadden ze na dat album voor mij geen plaat meer hoeven maken en vind ik Bono dezelfde keukenrol-Messias als Bruce Springsteen. Het pijnpunt was dat vanwege U2’s populariteit mensen massaal in shirtjes met Trabant-print rondliepen en wie voorheen de neus ophaalde voor Berlijn, de stad ineens cool vond. Blinde adoratie van trendjunkies die de stad achteloos uit mijn handen rukten.

Vintage U2 Tour Shirt U2 Achtung Baby Shirt 1991 U2 Tour | Etsy
Trendjunkies-outfit anno 1991

Mijn belangstelling voor Berlijn is oeroud. Het was op de basisschool waar de lessen over de Koude Oorlog het eerste zaadje plantten en toen na veel documentaires en boeken de klassieke synthesizermuziek van Tangerine Dream ook uit die stad bleek te komen, raakte ik op slag betoverd.

Maar overal waar ik mijn fascinatie voor Berlijn uitte, kreeg ik zure gezichten. De stad was weinig populair in de jaren ’80. Wat viel er te beleven in die gespleten smetplek van beton waar je niet eens van west naar oost mocht reizen? Christiane F. die langs de Bahnhof Zoo tippelde? Winkelen op de Küfurstendamm? De Gedächtnisskirche met die verbrijzelde toren? Wat was daar nou mooi aan?

West en Oost-Berlijn anno jaren ’80

Ik nam me nooit de moeite voor een verklaring. Mensen waren er toen ook al van overtuigd dat alles mooi, perfect en aangeharkt moest zijn. Dat soberheid net zo goed kan ontroeren en dat rafelranden er gewoon bij horen, begreep men toch niet.

Zoals vaker zijn mensen dankzij gewiekste marketing en een Popie Jopie-figuur geneigd hun mening bij te stellen. ‘Achtung Baby’ werd een mega-succes. Een nieuwe generatie maakte kennis met U2, het verenigde Berlijn stond weer op de kaart, en vervolgens kwam de de toeristen-tsunami op gang.

Daarom blijf ik bij ‘Achtung Baby’ dat dubbele gevoel houden. Ondanks de briljante productie van Brian Eno, die in de jaren ’70 David Bowie’s ‘Berlijn-cyclus’ produceerde, herken ik er Berlijn niet in. In tegenstelling tot David Bowie heeft U2 het verkeerde DNA om te vergroeien met de stad. Als kenner die de stad talloze keren bezocht, is het mijn goed recht om dat te beweren! U2 en Berlijn is alsof je Frank Sinatra koppelt aan Doetinchem. Bovendien heeft het album ongewild bijgedragen aan de uitverkoop van Berlijn. Ze is nu als elk andere metropool: gelikt, teveel winkelcentra, onbetaalbaar om te wonen, en zo goed als bankroet. De ‘Achtung Baby’-generatie laat hun kroost spelen bij het Holocaust-monument en selfies maken bij de herdenkingskruisen van de Muurslachtoffers.

Áchtung baby, dat je niet naar beneden dondert!

Maar het tij schijnt zich te keren, want onlangs sprak ik iemand die pas terugkeerde van een midweekje Berlijn. Zijn bevindingen waren uiterst mild. Volgens hem mistte de stad de ‘full thrill’ die Parijs en Barcelona zo uniek maakten. Het was zo’n groene deugdneus met baard, mannenknot en Rufus Wainwright-shirt. Iemand die dus heel erg ‘van vandaag‘ is. Ik heb weer hoop dat ik mijn stad terugkrijg.

Michel Scheijen

(Visited 133 times, 1 visits today)

Geef een antwoord